Kerstmis
25 & 26 december

Het kerstfeest heeft in het Engels en Nederlands een naam die op Christus duidt. Toch is het van oorsprong in het geheel niet christelijk. Het is een oerfeest der mensheid. Echte feesten worden nooit uitgedacht, ze ontstaan… Ver terug in de ontwikkelingsgeschiedenis der mensheid vinden wij de beelden van de moeder met het kind. Al de feesten die erbij horen smolten als het ware samen tot het feest van de geboorte van Jezus in een stal te Bethlehem. In ieder van ons wil een kind van liefde en licht geboren worden. Maar wij moeten dit feest weer leren vieren als ware christenen en ons bewust worden wie Christus is en dat we Hem overal ontmoeten. Het is een feest van drievoudige geboorte: die van Jezus van Nazareth uit Maria, die van het zonnekind uit moeder aarde en die van ons zelf uit ons eigen menselijk wezen. Onder de lichtdragende kerstboom, de boom van het leven, bij het kerststalletje, waarheen de engelen ons samen met de voelende herders en de wijze koningen leiden, kunnen wij (en door ons onze kinderen) iets opnemen van dat wereldomvattende liefdewezen dat alle duisternis en alle angst overwint.

Kerstmis wordt werkelijk over de hele wereld gevierd. Oorlogen worden onderbroken, bestanden in acht genomen, om de „vrede op aarde‟ te laten neerdalen. Kennelijk bevat Kerstmis een inhoud waar iedereen zichzelf en de wereld kan herkennen. Het is ook zo‟n „innerlijk‟ feest, zo heel direct op ons gevoel werkend. De verwachting die is ingelost, de serene heiligheid die het hele feest omgeeft, de verering van het licht dat is verschenen. Dat alles draagt een specifiek gevoel in zich. Een gevoel van stilte, niet meer praten, niet meer denken. Een intens meebewegen op de golven licht die bij ons binnen stromen.

De beelden van Kerstmis zijn bij de meeste mensen wel bekend. Kerstmis, feest van de geboorte van een goddelijk kind. De geboorte vond plaats in een eenvoudige stal, bij eenvoudige mensen, nu zo‟n 2000 jaar geleden. Aan d e herders, die die nacht de wacht hielden bij hun schapen, verscheen een engelenkoor dat zong en een ster wees hen vervolgens de weg naar de stal waar zij het kind vonden. In doeken gewikkeld en liggend in een kribbe. Ook daar waren de engelen en er scheen een hemels licht. Het is een oer- verhaal, met oerbeelden. De moeder maakt ruimte voor het kind. De vader geeft het vorm. Het kind zelf is zichtbaar, tastbaar geworden licht, “uit hemelhoogten neergedaald”. Met de geboorte van dit kind kwam, voor het eerst, het goddelijke op aarde, in een mens. Tot op dat moment waren hemel en aarde en dus ook God en mensen gescheiden. Ver weg in plaats en tijd vond de geboorte plaats. De weg naar inzicht en begrip er van is lang en moeizaam. “Hoe ver?” vraagt de herder Crispijn in het kerstspel en “tot ge d‟r bent” roepen de anderen. Duidelijk is dat de geboorte van het kindje Jezus, het Christuskind, voor ons een symbool is van het licht dat te midden van de diepste duisternis verschijnt. Een lichtend nieuw leven komt op aarde op het moment dat de natuur het meest dood lijkt. Dit symbool reikt ons een hoopgevende gedachte aan.

Kerstavond is de eerste van de dertien Heilige nachten; op de twaalf die daarna komen, laten we het jaar maand voor maand aan ons voorbijgaan. Na de laatste Heilige nacht van 5 op 6 januari valt het Driekoningenfeest op 6 januari. Dit feest heeft als grondslag het geboorteverhaal uit het Mattheüs-evangelie.

Wij wensen iedereen een goed en warm kerstfeest!